De eindafwikkeling

De laatste fase van de schaderegeling is aangebroken. De omvang van de geleden schade is bekend. Er is berekend welke schade u heeft geleden en welke schade u eventueel in de toekomst nog zult lijden. Uw dossier kan nu worden afgewikkeld. Dit kan gebeuren met een vaststellingsovereenkomst, maar ook zonder akkoord tussen partijen.

Vaststellingsovereenkomst
Een vaststellingsovereenkomst is een overeenkomst tussen u en de aansprakelijkheidsverzekeraar. Jullie zijn het eens over de omvang van de schade. Het is niet nodig de zaak aan de rechter voor te leggen.

In de overeenkomst staan de afspraken tussen u en de verzekeraar. Bijvoorbeeld over het schadebedrag en de vergoeding van de kosten van uw belangenbehartiger. Ook kan in de overeenkomst een tekst staan waaruit blijkt dat u en de verzekeraar hebben afgesproken het dossier als definitief afgewikkeld te beschouwen.

Na ondertekening of uw mondeling akkoord staan de afspraken vast. Doorgaans kunt u er dan niet meer op terugkomen. Heeft u geen belangenbehartiger, ga dan niet meteen akkoord. Het is sterk aan te bevelen de overeenkomst vooraf voor te leggen aan een (juridisch) deskundige. Bij letselschade van enige omvang verdient een schriftelijke overeenkomst de voorkeur.

Wanneer u en de verzekeraar akkoord zijn met de vaststellingsovereenkomst volgt de afgesproken slotuitkering.

Inhoud vaststellingsovereenkomst

  • Wat zijn de schadeposten en de bijbehorende bedragen? Ook als de schade met een totale som wordt vergoed, verdient het aanbeveling de schadeposten duidelijk te benoemen.
  • Welke partijen zijn bij de overeenkomst betrokken?
  • Waarvoor verleent u de veroorzaker precies kwijting?
  • Kwijting wil zeggen dat u geen schadevergoeding meer heeft te vorderen. Let op dat u geen kwijting verleent voor eventuele vorderingen van anderen, zoals van uw zorgverzekeraar.
  • Hoe en wanneer wordt de schadevergoeding betaald?

Voor zover van toepassing kan de vaststellingsovereenkomst daarnaast bevatten:

  • Een belastinggarantie (zie onder)
  • Een voorbehoud

Afwikkeling zonder akkoord tussen partijen

Het kan zijn dat u en de verzekeraar het niet eens worden. Als het goed is, hebben u en de verzekeraar hierover op basis van argumenten een discussie gevoerd. Desondanks lukte het niet om overeenstemming te bereiken.

In zo’n geval besluit de verzekeraar soms tot betaling van een in haar ogen redelijke schadevergoeding. U mag een schriftelijke motivatie bij dit besluit verwachten. Dat wil zeggen dat de verzekeraar uitlegt waarom ze uw zaak zonder akkoord afwikkelt. Ook legt zij uit waarom zij het bedrag voldoende acht.

De beslissing is vervolgens aan u. Wat wilt u? Kunt u zich neerleggen bij de geboden vergoeding? Zo nee, neem dan contact op met het Bemiddelingsloket van De Letselschade Raad. Een jurist van het loket kan u informeren over uw mogelijkheden. Denk aan een second opinion, een gesprek met de verzekeraar of inschakeling van een mediator. Ook kan het Bemiddelingsloket zogenaamde bemiddelingsgesprekken verzorgen.

Vaak wordt dankzij één of twee bemiddelingsgesprekken alsnog een akkoord bereikt. Lukt ook dat niet, dan kunt u eventueel de zaak voorleggen aan de rechter. Geeft de rechter u geen gelijk, dan blijft u met de kosten zitten. Het is daarom raadzaam u bij uw beslissing niet te laten leiden door emoties. Het beste kunt u zich laten adviseren door een deskundige belangenbehartiger.

Belastinggarantie

Een letselschadevergoeding is een netto-uitkering. De uitkering valt voor de belasting in principe niet onder Box 1 (inkomen uit arbeid en onderneming). Het komt voor dat de Belastingdienst achteraf toch het tarief van Box 1 toepast op de letselschadevergoeding. Het deel dat achteraf kan worden belast, is het zogenaamde verlies aan verdienvermogen, ook wel verlies van arbeidsvermogen genoemd.

Bij het afsluiten van een letselschadezaak is het belangrijk dat u een belastinggarantie vraagt. Dit houdt het volgende in. Als de Belastingdienst de letselschadevergoeding of een deel daarvan toch belast volgens het tarief van Box 1, kunt u zich wenden tot de aansprakelijkheidsverzekeraar. Namens u tekent de verzekeraar bezwaar aan bij de Belastingdienst. Mocht u in het ongelijk worden gesteld, dan betaalt de verzekeraar de verschuldigde belasting.

U moet zich overigens wel houden aan de voorwaarden van de belastinggarantie. Dat betekent onder meer dat u de uitkering niet mag opgeven als inkomen voor Box 1. Als u een navordering krijgt van de Belastingdienst, moet u dat direct bij de verzekeraar melden.

Voorbehoud

Soms is het verstandig uw dossier niet definitief af te sluiten. Hoewel uw medische eindtoestand lijkt te zijn bereikt, zijn bijvoorbeeld niet alle kosten van toekomstige medische behandelingen te overzien. Of er zijn aanwijzingen dat uw letsel in de toekomst mogelijk kan verergeren. Het kan ook zijn dat veranderingen in de sociale voorzieningen worden verwacht.

In deze gevallen is het verstandig een uitdrukkelijk voorbehoud in de vaststellingsovereenkomst op te nemen. Wij adviseren u hierover tijdig advies en hulp van een deskundige belangenbehartiger te vragen.

Opname van een voorbehoud is ook nodig als de persoon met letselschade minderjarig is. In dat geval is namelijk toestemming van de kantonrechter vereist.

Let op: het is niet mogelijk voor elke eventualiteit een voorbehoud op te nemen. Bij de bepaling van de hoogte van de schadevergoeding is al rekening gehouden met ‘goede en kwade kansen’. Er is dus al rekening gehouden met de mogelijkheid dat een situatie anders uitpakt dan verwacht.

Schadevergoeding voor minderjarigen

De wettelijk vertegenwoordigers van een minderjarige hebben een machtiging nodig van de kantonrechter om een schaderegeling aan te gaan. Zij moeten daarvoor een verzoekschrift bij de kantonrechter indienen. Minderjarigen ouder dan 12 jaar moeten het verzoekschrift mede ondertekenen.

Aan de machtiging verbindt de kantonrechter vaak de voorwaarde dat de schadevergoeding wordt belegd overeenkomstig de wettelijke voorschriften. Dit betekent dat er voor het kind een spaarrekening wordt geopend met een zogenaamde BEM-clausule. Dit is niet bij alle banken mogelijk.

De BEM-clausule houdt in dat gedurende de minderjarigheid de hoofdsom wordt geblokkeerd. Alleen de rente kan worden opgenomen. Toestemming van de kantonrechter is vereist om bedragen op te nemen. Zodra het kind meerderjarig is, dus de 18-jarige leeftijd heeft bereikt, vervalt de BEM-clausule. Het beheer over de rekening eindigt dan.

Tegoeden op een rekening met BEM-clausule tellen niet mee bij de vermogenstoetsen voor enkele toeslagen, zoals de huur- of zorgtoeslag. Een BEM-clausule kan dus zorgen dat ouders recht hebben op een toeslag die ze zonder de clausule niet zouden krijgen, of op een hogere toeslag.